Nieuws‎ > ‎

Hospice en vrolijkheid

Geplaatst 1 sep. 2017 03:25 door Hagediensten Heuvelrug
De Wereldgezondheidsorganisatie (World Health Organization, WHO) heeft in 2002 de
volgende definitie vastgesteld: Palliatieve zorg is een benadering die de kwaliteit van het
leven verbetert van patiënten en hun naasten die te maken hebben met een
levensbedreigende aandoening, door het voorkomen en verlichten van lijden.

Een hospice, is een instelling met een huiselijke sfeer die zich in terminale zorg heeft gespecialiseerd.
Ongeneeslijk zieken kunnen hier tot aan hun dood worden verzorgd. Door de huiselijke sfeer
wordt dit als beter ervaren dan een ziekenhuisomgeving, terwijl er toch nog voldoende
medisch personeel aanwezig is.
Ik kwam in aanraking met deze leefwereld door een familielid dat uitbehandeld was. Wel
eens van gehoord en wel eens iemand bezocht maar dat was toch ver van mijn bed. Voor
een familielid die uit het ziekenhuis kwam werd de verpleging door het hospices
overgenomen. Dan kijk je ineens tegen het eind van het leven aan. Er werd een kamer
ingericht met allerlei persoonlijke spullen van haar. Maar ze voelt zich dank zij de medicatie
van pijnbestrijding heel redelijk.
"Ik zou eigenlijk wel naar huis kunnen" vertelde ze ons. We hebben uitgelegd dat dat niet
mogelijk is. Ze voelt zich goed door de medicijnen. Maar dat dit het is: wachten op de dood.
Ze kan niet meer naar huis want men is bezig de huur te beëindigen en het huis te
ontruimen. Dan komt het besef. Ze is goed bij de tijd en snapt alles prima. Maar ze praat er
toch niet veel over. Wij denken dat ze het verstopt, maar weten ook niet hoe ze dit beleeft.
Er worden veel bezoeken gepland van familie, kinderen, kleinkinderen en
achterkleinkinderen. Het is een komen en gaan van bezoekers. Maar langzaam gaat de
conditie achteruit. De patiënt vindt het een mooie kamer en openslaande deuren
brengen de buitenwereld ook naar binnen. Telkens als wij komen is ze vol lof over het
hospice en de verpleging. Ze leert zelfs nog rijden op een elektrisch aangedreven rolstoel.
En krijgt ook nog een rijbewijs.
Dan wordt het moeilijk. De klachten nemen toe over lichamelijke problemen. We zijn dan
een paar weken verder en de patiënt moet nu meer het bed houden, de verpleging geeft aan
dat er minder bezoek mag komen, want het wordt te zwaar. En zelf zegt ze dat ze hoopt niet
meer wakker te worden. De verpleging is uiterst vriendelijk en behulpzaam. En de patiënt
slaapt veel. Zo verglijdt het leven.
Nu zijn we in de laatste fase beland. Ze slaapt vrijwel voortdurend, krijgt nog wel wat drinken
maar eten gaat niet meer. Directe familieleden komen nog maar vinden haar meestal
slapend. Dan schrikt ze wakker en moet zich helemaal oriënteren, de dagen kent ze niet
meer, de datum moet gevraagd worden. Ze hoort rare geluiden en praat met een scheve
mond.
Ze zal inslapen en dan is een leven ten einde dat begon in 1929 met minimale
mogelijkheden. Een zoon overleden aan MS, een dochter met MS. Man pas overleden, nee,
geen gemakkelijk bestaan. Maar altijd positief en optimistisch. Ze heeft aan het einde in alle
rust en vrede met goede verzorging kunnen overlijden.
Comments