Nieuws‎ > ‎

Autoriteit Cor P. Berkel

Geplaatst 27 nov. 2015 03:42 door Martin Kemperman

In de praktijk hebben we met autoriteit te maken of mee te maken gehad. Of, met een ander woord, gezag dat terecht of onterecht uitgeoefend wordt. Als leraar, ouder, of leidinggevende, politieagent, of ambulancemedewerker overal komt het voor en beroepen we ons erop. Maar kan dat vandaag en morgen nog wel? Is dit niet een achterhaald begrip?

In zijn boek ‘Autoriteit’ heeft Paul Verhaeghe (ISNB 978 90 23492917) dit vraagstuk uitgewerkt en hij komt tot opvallende conclusies.

Autoriteit komt vooral voor in drie wat hij noemt ‘onmogelijke beroepen’. Namelijk opvoeden, genezen en regeren. Klassiek zijn dat de rollen van vader, dokter en politicus. In deze rollen heb je veel te maken met autoriteit, het hebben van gezag.

Maar dat gezag kalft langzaam maar zeker af. We geloven er steeds minder in en daardoor wordt het een lege huls. En het erge is dat we met elkaar ons er niet meer op beroepen. We kennen elkaar geen autoriteit meer toe. In het parlement roept een fractieleider “Doe eens normaal joh”, tegen de minister-president. Dat is toch in de regering de eerste en de beste. En zo ging zijn autoriteit naar de knoppen.
De oorzaak is niet moeilijk te vinden. Opleidingsniveau en individualisering hebben dat in beweging gezet en dus kunnen we niet meer terug. Dit proces zal verder gaan en leiden tot totaal andere verhoudingen. Maar het wordt natuurlijk wel geprobeerd tegen houden. Leiders in de politiek en in het bedrijf vinden het lastig om zonder de aangeleerde verhoudingen te werken. Het was zo vanzelfsprekend dat men er zich ook niet van bewust is dat het anders moet.

Twee voorbeelden

· In de PVV is er één leider zowel van de fractie als van de partij, dat is typisch de rol

van de autoriteit. Dat de PVV zoveel kiezers lijkt te trekken zegt ook iets over die kiezers namelijk dat ook zij terug willen naar af en hem als leider zien en accepteren. In roerige tijden zoekt men een sterke leider.

· Het aantal vrouwen in de Raad van Bestuur van de beursgenoteerde ondernemingen haalt bij lange na niet het wettelijk vastgelegde niveau van 30%. Het is nu 5%. In een toelichting op de TV stelt een headhunter die daarvoor werkzaam is dat hij onvoldoende vrouwen kan vinden die aan het geschetste profiel voldoen. Dat profiel is opgesteld door de zittende leden van de Raad van Bestuur dus dat is ook geen wonder.

Hier wordt dus het bekende autoritaire denken in stand gehouden.

Maar wat voor de rest van de samenleving wel geldt zal ook hier gaan werken. Die autoriteit is er niet meer en geldt voor de leden van de RvB als voor Wilders.

Een voorbeeld van hoe het anders kan, zie je in de wijze waarop het kabinet onder leiding van Rutte opereert. Hij stelt dat een toekomstvisie hem eerder in de weg zit, dan dat het hem helpt. Hij wil telkens weer met allerlei partijen aan tafel om een akkoord te sluiten. Die akkoorden zijn van alle partijen en daar geeft hij in de regering uitvoering aan. Hier is de basis de samenwerking in plaats van autoriteit.

Dat is waar de samenleving heen gaat. Meer waardering voor de personen en groeperingen door er mee in overleg te treden en hen mee te laten doen. Participatiesamenleving heet dat. Ik kan er niet op wachten.

Comments